THEMA

 

 

BEELDVORMING

Wat voor beeld heb jij eigelijk van God?

Hoe komt iemand eigelijk aan een beeld van God. Misschien ben je misschien Christelijk opgevoed, maar je doet er de laatste tijd niets meer aan of je hebt Hem leren kennen door je omgeving toen je studeerde of op kamers zat. Misschien heb je wel door bepaalde gebeurtenissen om je heen een positief of negatief beeld van God gekregen. God wil mensen als zijn kinderen aannemen als je in hem geloofd. Dus we mogen Hem onze Vader noemen. Misschien heb je bij die gedachte wel een nare bijsmaak omdat je een slechte ervaring hebt met je eigen vader. Als je dan aan God als Vader denkt kan dat een negatief beeld geven.

Bovenstaande punten geven iemand dus een bepaald beeld van God. Dit door een bepaald gevoel of ervaring.
Als we de Bijbel erbij pakken vinden we het volgende: God is onze Vader en deze hemelse Vader heeft alles gemaakt van het kleinste plankton in de zee tot de grootste walvis, van de kleinste mier tot de grootste olifant en met als kroon op die schepping de mens: Jij en ik. Wij mochten van God voor die mooie schepping zorgen en God zou voor ons zorgen. Zou was het in het paradijs alleen de mens wou zelf God spelen en dacht hem niet nodig te hebben. We wouden niet van de gunst van God leven en hebben toen ons tegen Hem gekeerd.


Zo'n overtreding tegen zo'n machtige God kon niet ongestraft blijven. Toch weet God dat wij mensen niet instaat zijn om de straf voor die enorme zonde te dragen en daarom is Jezus op aarde gekomen en is 2000 jaar geleden in Bethlehem geboren om die schuld ten opzichte van God te voldoen. Door zich te laten vermoorden aan het kruis ongeveer 2000 jaar geleden.


Waarom heeft God dan niet de straf meteen kwijt gescholden, zonder het offer van Jezus?

Dit is een vraag die vaak bij iedereen opkomt zowel bij christenen als bij niet christenen en is ook zo onvoorstelbaar. Laat ik het eens proberen te verduidelijken met een voorbeeld:
Er was eens een stamhoofd van een stam in Afrika, Elyona was zijn naam. Deze leider had een aantal duidelijke leefregels opgesteld, die gebaseerd waren op respect voor hem en respect voor elkaar. Dankzij die regels was het er goed vertoeven, het was als het ware een paradijs. Iedereen respecteerde elkaar en de regels die gesteld waren en wisten dat als ze er niet aan hielden de sancties uit 60 stokslagen bestonden.

Toen kwam er het moment dat zijn eigen moeder één van de Wetten overtrad. Dit was een groot dilemma voor het stamhoofd. Als hij niet strafte werd het een chaos in de stam en hield niemand zich meer aan de regels die juiste vóór de mensen bedoeld waren. Als hij wel strafte, zou zijn oude moeder het niet overleven. Toch besloot hij de straf uit te voeren. De dag was gekomen en iedereen van de stam had zich op het veld voor zijn tent geplaatst. Op het moment dat de stok in de lucht suisde sprong opeens de zoon van het stamhoofd met ontbloot bovenlichaam er tussen en ving de klappen op!

Was het stamhoofd onrechtvaardig? Was God onrechtvaardig?

Wat fijn dat Jezus er bij ons tussen is gesprongen. Wij hebben daarom geen straf gekregen en we krijgen die ook niet meer want als je de redding van Jezus ziet en aanneemt, dan straft God niet meer. De acte van beschuldiging is als het ware mee vastgespijkerd aan het kruis waaraan Jezus is gestorven. Wij krijgen toch ook geen tweede acceptgiro voor een verkeersovertreding als iemand ander hem al voor ons heeft betaald? Hoe te meer dit dat Jezus de rekening met zijn leven heeft betaald. God de Vader heeft uit liefde voor ons kleine mensjes zijn zoon gestuurd om die rekening te betalen. We zijn geen nummertje voor hem, maar individuen die Hij lief heeft. Daarom willen we met respect naar Hem omgaan en niet vloeken en zijn naam misbruiken: Aan Hem hebben we ons leven te danken.

Heb je vragen, zoek dan contact met ons. Je vragen worden vanzelfsprekend vertrouwelijk behandeld.