DIEPGANG

 

  Kan ik het zeker weten?

INLEIDING
ZEKER? WAARVAN?
GELOOF
TWIJFEL
GELOOFSZEKERHEID
NOG VRAGEN?

INLEIDING.

Zekerheid, betrouwbaarheid, veiligheid, enz. lijken woorden uit de reclame-wereld. Woorden die gebruikt worden om mensen te trekken een bepaalde verzekering af te sluiten of een bepaald artikel te kopen. Maar wie of wat kan werkelijk zekerheid bieden? Wat is werkelijk betrouwbaar? Wat is voor 100% veilig? Het zijn woorden die wel iets aangeven, maar die nooit kunnen geven wat ze werkelijk beloven. Het zijn dan ook woorden uit de reclame-wereld.
Het is zo menselijk. Soms denk je dat mensen betrouwbaar zijn en je gaat daarvan uit totdat het tegendeel blijkt. Dat valt je dan tegen en de onzekerheid groeit. Soms zegt iemand om zijn woorden kracht bij te zetten: "Nee, maar ik weet het zeker!" Hoe zeker is dat? Maar al te vaak blijkt later dat dit helemaal niet zo zeker is. Die zekerheid wordt door de feiten achterhaald. Misschien heb jij dat ook wel eens gehad. Je wist zeker dat je voor een repetitie een voldoende had, maar bij de uitslag bleek dat het een onvoldoende was.
Wat kun je zeker weten? Kun je zeker weten dat God bestaat? Kun je zeker weten dat je een kind van God bent? Kun je zeker weten dat je straks in de hemel komt? Of is het met die zekerheid net als met de zekerheid in de reclame, net als de zekerheid die mensen bieden?

 

ZEKER? WAARVAN?

Laten we eerst even afspreken over welke zekerheid we het hebben. We hebben het niet over onze zekerheid, de zekerheid van de reclame, maar over de zekerheid van God(link naar hoe kan ik God leren kennen). Wanneer Hij iets zegt, dan kun je daar ook van op aan. Wat Hij belooft dat doet Hij ook. Midden in onze wereld vol onzekerheid is er Iemand waar je van op aan kunt. Iemand die anders is dan wij zijn. Zijn ja is ja en Zijn nee is nee. Zo is God.
In het begin van de Bijbel lezen we dat al. God zegt: Er zij licht; en er was licht. Hij spreekt en het gebeurt. De hele Bijbel door kom je dit steeds weer tegen. Over een periode van eeuwen zijn er nog nooit mensen geweest die Hem hebben kunnen betrappen op een leugen. Nog nooit is er iets van wat Hij beloofde niet uitgekomen.

 

Zijn mensen dan nooit in Hem teleurgesteld? Jawel. Er zijn heel veel mensen die van alles van Hem verwacht hebben en die geloofd hebben dat zij het zouden krijgen, maar die teleurgesteld zijn omdat het niet gebeurde.

Ik denk aan Job. Hij geloofde in God en hij leefde met God. Dan ineens wordt hem het ene na het andere afgenomen. Zijn kinderen, zijn bezit, en zelf wordt hij aangetast door een vreselijke ziekte. Zijn vrienden komen met allerlei verklaringen, maar Job is en blijft teleurgesteld. Hij zou God wel ter verantwoording willen roepen.

Ik denk aan de rijke jongeling. Hij leefde met God en hield Gods geboden. Teleurgesteld druipt hij af wanneer hij als antwoord op de vraag hoe hij eeuwig leven kan krijgen, hoort dat hij alles moet verkopen, aan de armen moet geven en Jezus moet volgen.

Zo zijn er meer voorbeelden te noemen van mensen die teleurgesteld zijn in God of die niet ontvingen wat zij verwachtten. Misschien heb jij ook wel zo'n ervaring.

Hoe komt dat? Wat is daarvan de reden? Is God dan niet betrouwbaar en weet je het bij Hem ook nooit zeker?

Ik kom weer even terug bij Job. Job leefde met God en Hij verwachtte van God zegeningen en voorspoed. Hij vond het niet eerlijk wat hem overkwam. Maar kun je er zeker van zijn dat je, wanneer je in God gelooft, niets zal overkomen? Zegt God dat ergens?

Nu denk je misschien: "Ja, maar er staan toch ook van die verhalen in de Bijbel dat God dat wel doet? Kijk maar eens naar Dani‘l in de leeuwenkuil. En de vrienden van Daniël in de brandende oven. Maar ook naar Petrus. Hij zat in de gevangenis en zou gedood worden. Op een wonderlijke manier wordt hij door God bevrijd." Jawel, maar in datzelfde hoofdstuk waar we van Petrus lezen, lezen we ook van Jacobus. Hij wordt niet gered, maar wordt omgebracht. Zeker is dat God ons kan bewaren, maar nergens zegt God dat ons niets zal overkomen. Daar kun je dan ook niet zeker van zijn. Job komt tot de ontdekking dat hij het niet kan begrijpen omdat God veel meer en veel groter is dan hij, als klein mens, kan bevatten. En die grote God is de God waar hij zich aan mag toevertrouwen, ook al kan hij God niet begrijpen en is Hij anders dan Job verwacht had. En dan die rijke jongeling. Hij had zijn best gedaan, maar werd teleurgesteld. Niet omdat God Zijn Woord niet hield, maar omdat die jongeling liever zijn geld vasthield dan dat hij Jezus volgde.

De eerste les die we hier leren is, dat we niet zeker kunnen zijn wanneer we uitgaan van wat wij over God denken. Vroeger maakte men godsbeelden van hout of steen en nu zouden we zo'n godsbeeld in onze gedachten maken. Wanneer we uitgaan van wat wij over God denken, dan is God niet meer en niet anders dan een uitvinding van ons eigen denken en wat is veranderlijker dan ons denken?

Het tweede dat we hier leren is dat we nooit zo maar een stukje uit de Bijbel mogen halen om dan te zeggen: "Kijk, zo is God. Hij zegt het zelf." Dan zal de ene mens zeggen: "God is liefde!" en de ander: "God is de heilige!" Zeker, ze hebben beiden gelijk. Het staat zo in de Bijbel. Maar ze hebben ongelijk wanneer ze alleen oog hebben voor die ene kant. De héle Bijbel is nodig om ons duidelijk te maken wie God is.

Als derde kunnen we hier leren dat God zo groot is dat wij Hem nooit helemaal kunnen kennen. Hij is anders dan wij mensen zijn. Daarom kunnen wij Hem niet precies narekenen in wat Hij wel of niet doet. Maar juist omdat Hij anders is, is de zekerheid ook anders dan bij ons mensen. Van mensen kun je nooit helemaal zeker zijn, maar van God wel. Juist omdat Hij God is.
Daarom ook kunnen we niet zeker zijn van wat wij over God denken, maar van datgene wat Hij zelf zegt en belooft. Wij moeten leren om dat te ontdekken.
We moeten ook leren om te vertrouwen dat de weg waarlangs God zijn beloften vervult, waarmaakt, wel eens anders zou kunnen zijn dan wij denken.

Wij zijn vaak net als dat kind dat drie jaar zou worden. Zijn vader zei tegen hem "Drie jaar al, jongen wat word jij al groot." Op de dag dat hij drie jaar werd, kwam hij hevig teleurgesteld uit bed. Zijn vader had gelogen. Hij was helemaal niet groot geworden, maar nog even klein als de dag ervoor. Dat kleine kind had de woorden van vader een andere inhoud gegeven dan wat ze werkelijk wilden zeggen. Hij had dit vanuit zijn eigen kleine wereldje ingevuld en raakte teleurgesteld. Zo doen wij ook vaak met het Woord van God. We zullen moeten leren zoeken naar wat God werkelijk bedoelt en dat betekent dan ook nauwkeurig lezen wat er staat en in welk verband God iets zegt. Zo alleen kun je zeker zijn van God.
(Job 23 en 42:1-6; MattheŸs 19:16-26; Handelingen 12; Jesaja 40)

GELOOF.

Weer zo'n woord dat bij ons onzekerheid uitdrukt, maar dat bij God een andere betekenis heeft. Wanneer wij zeggen "Ik geloof van wel", dan willen we daarmee uitdrukken dat we denken dat iets zo is, maar dat we het niet zeker weten.
Maar wanneer in de Bijbel van geloof gesproken wordt, gaat het om het zeker weten, om vast vertrouwen.

 

Geloof is zoiets als het thuis komen en in een stoel neerploffen. Je gaat niet eerst heel voorzichtig zitten om te zien of die stoel je wel houdt, nee, je ploft erin neer omdat je, zonder er bij na te denken, erop vertrouwt dat die stoel je houdt. Nu kun je met zo'n geloof bij een stoel wel eens bedrogen uitkomen, maar bij God niet. Je mag je zo aan Hem toevertrouwen. Onzekerheid heeft heel veel te maken met het verkeerd invullen van wat God over geloven zegt. Wanneer je christenen vraagt of zij in God geloven, dan zullen ze zonder uitzondering positief antwoorden, maar wanneer je ze vraagt of ze ook zeker weten dat ze later bij God in de hemel komen, dan is het antwoord ineens niet zo positief meer: "Zeker weten, dat is nog al wat. Ik hoop het."

Maar nu even naar jou persoonlijk. Weet jij zeker dat je in de hemel komt? Of zeg je ook "Ik hoop het." en druk je daarmee je twijfel uit. Maar Jezus zegt nergens: "Wie in Mij gelooft krijgt misschien eeuwig leven." Wel zegt Hij: "Wie in Mij gelooft heeft eeuwig leven." Dat is dus geen 'misschien', maar het is vast en zeker.
(Joh.3:16 en 6:47)

TWIJFEL.

We zagen al dat je nooit zeker kunt zijn van jezelf, maar wel van God. We hebben ook gezien dat je zeker kunt zijn door het geloof. Maar toch zijn er nog zoveel twijfels. Wanneer weet ik nu dat ik een kind van God ben, dat mijn zonden vergeven zijn en dat ik straks voor eeuwig bij God in de hemel mag zijn? Dan moet er toch wel eerst wat gebeuren. En zeker, dat is waar. Jij zult ook wel weten dat je nog geen stap verder bent, wanneer je de hele Bijbel voor waar aanneemt, want dat doet de duivel ook. Die weet maar al te goed dat dit allemaal waar is. Maar wat moet je dan doen om zeker te weten? Veel mensen gaan dan bij zichzelf naar binnen kijken. Kijken naar wat er nu in hun hart veranderd is. Voel ik het wel? Verlang ik genoeg naar God? Besef ik voldoende mijn zonden? Ja, en dan ga je twijfelen. Twijfelen, omdat je nooit zeker van jezelf bent. Dat kan ook niet. Het ene moment kun jij je dicht bij God voelen en het volgende moment is dat allemaal weer weg. Het ene moment kun jij heel diep overtuigd zijn van je zonde en schuld en het volgende moment doe je diezelfde zonde weer. Je probeert met God te leven, maar wie weet of je dat vol kunt houden.

 

Dan gaat het je net als Petrus. Hij zit in een vissersboot, midden op het meer. Dan ziet hij Jezus aankomen en wil naar Hem toe en Jezus nodigt hem uit om te komen. Petrus stapt op het water en wandelt naar Jezus toe. Maar dan kijkt hij naar beneden, ziet de golven en de wind. Twijfel komt boven omdat hij niet op Jezus ziet, maar op het water. Dat kan toch zomaar niet. En dan gebeurt het: Petrus zakt weg in de golven.

Hoe zit dat bij jou? Ben je net als Petrus? Je wilt wel en even schijnt het te lukken, maar dan kijk je naar jezelf en je onmogelijkheden. Het kan toch zo maar niet. Dan zak je weg in de golven van je twijfel. Twijfel is niet anders dan ongeloof. Ongeloof dat ontstaat omdat je niet op Jezus ziet, maar op jezelf. Ongeloof, omdat je zo menselijk denkt en redeneert. Ongeloof omdat je niet durft te geloven dat Gods beloften ook aan jou gericht zijn. Ongeloof omdat je altijd maar weer bezig bent met de vraag of je geloof wel echt is, of je geloof wel gelooft, en niet met het geloof dat zich op God richt.

Een andere oorzaak van twijfel kan ook zijn dat er in je leven dingen zijn, waarvan je weet dat die niet goed zijn, die je vast wilt houden. Dit is net zoiets als het in een roeiboot willen stappen en toch de kant niet los willen laten. Je ene been in de boot en de ander op de wal. Je weet wat er dan gebeurt. Juist ja, je komt daar waar je niet wilt komen, in het water. Je kunt geen twee heren dienen.
(Matth.14:22-33; Jac.1:6-8; 1 Thess.1:8; Luc.16:13-15)

GELOOFSZEKERHEID.

Wanneer jij met vragen en twijfels zit, dan hoop ik dat ik je een beetje heb kunnen helpen met het ontdekken waar dit door komt en dat je ook ontdekt hebt in welke richting je verder moet. Maar hoe dan?

 

Geloof richt zich niet op zichzelf, maar op God. Begin daar eens mee. Lees elke dag een stukje uit je Bijbel en stel dan de vraag wat daarin over God staat. Wie is Hij? Wat doet Hij? Wat wil Hij? Wat belooft Hij? Je kunt dan erg veel aan de weet komen over God, maar dat weten is nog wat anders dan geloven. Geloven is immers vertrouwen. Hem met heel je hart vertrouwen, je in dat vertrouwen aan Hem overgeven. Bij ons mensen is het zo dat we iemand gaan vertrouwen wanneer we iemand wat beter leren kennen. Wanneer we ontdekken wat die ander doet en hoe die ander dat doet. Je ontdekt of iemand betrouwbaar is of niet. Maar je aan iemand toevertrouwen, doe je pas, wanneer je ook in het hart van die ander kunt kijken. Wanneer er aandacht is voor wat er in die ander omgaat en, omgekeerd natuurlijk ook, wanneer die ander geïnteresseerd is voor wat er in jou omgaat. Zo is dat ook met geloven. Door te luisteren naar wat God in de Bijbel over zichzelf vertelt ontdek je niet alleen dat Hij betrouwbaar is, maar dat je je ook aan Hem kunt toevertrouwen. En God wil je graag helpen om dat te leren. Hij wil je hart daarvoor openen, zodat je Hem in het hart leert kijken en jij je hart voor Hem opent. Het is belangrijk dat jij in de Bijbel leert ontdekken wat er in Gods hart omgaat, omdat je in die Bijbel jezelf ook tegen komt.

God vertelt je ook wie jij bent. Nu zal je het als prettig ervaren wanneer iemand de positieve dingen in je noemt. Het doet je goed wanneer iemand zegt: "Dat heb je goed gedaan." Maar wanneer er iemand op je weg komt die je vertelt wat je allemaal verkeerd doet, dan ga je zo iemand meestal uit de weg. Waarom? Omdat het voor ons moeilijk is om eerlijk te zijn tegenover onszelf en omdat we bij dit soort opmerkingen van anderen nogal eens het gevoel krijgen dat ze ons in de grond willen trappen en zich boven ons willen verheffen.
Bij God is dat anders. Dat ontdek je wanneer je gaat zien uit wat voor hart die kritiek op jou voortkomt. Dan ontdek je dat Hij je niet alleen die verkeerde dingen in je hart laat zien omdat Hij er zo'n gruwelijke hekel aan heeft, maar ook omdat Hij de Vader is die er verdriet van heeft en je zo graag anders wil zien. Hij wil je schuld vergeven en je anders maken. Dat kan niet door al die verkeerde dingen maar door de vingers te zien. Dat kan God ook niet, omdat Hij heilig en volmaakt is. Je zou nooit bij Hem passen, wanneer die zonde en schuld niet weggenomen werd. En dat wil Hij zo graag doen. Hij wil alles wegnemen wat er tussen Hem en jou instaat, zodat je wel bij Hem past. Maar dat kan alleen wanneer je ook eerlijk wordt tegenover Hem.

Het grootste wonder is dan dat je gaat ontdekken dat de straf die jij verdiende al betaald is. Jezus nam jouw zonde en schuld op zich. God moest boos zijn op jou en jou straffen, maar Hij legde die straf op zijn eigen Zoon. Hoe je daar zeker van kunt zijn? Niet door bij jezelf naar binnen te kijken, maar door te kijken naar dat kruis dat 2000 jaar geleden op deze aardbol gestaan heeft. Voor het oog van heel de wereld heeft God zich daar in Zijn hart laten kijken. Zover ging Zijn liefde voor zondige mensen. Je leest dat in het evangelie.

En wanneer je dan iets gaat beseffen van wat dat voor jou betekent, dan ga je ook zien dat er in jou niets is waar je op kunt vertrouwen of waardoor je zeker kunt zijn. Zekerheid kan er alleen maar zijn wanneer je ziet op Jezus. Hoe beter je Hem leert kennen, hoe meer je Hem gaat vertrouwen. Onze liefde tot God is vaak zwak en onberekenbaar, maar het geloof is de zekerheid dat niets je kan scheiden van de liefde van God voor jou. Hoe je dat kunt ontdekken? Door te ontdekken wat Gods liefde is die Hij heeft laten zien in Jezus Christus.
(Hebr.11 en 10:39; Rom.8:31-39)

NOG VRAGEN?

Het kan zijn dat u nog vragen heeft. U mag ons die altijd stellen. Schrijf of E-mail dan naar:

 

(Deze teksten zijn afkomstig van de afdeling Nazorg van de Evangelische Omroep)